Wat ga je eigenlijk doen in Oeganda? *doet een hele uitleg* Dus, composteren?

Wel, we doen hier nét iets meer dan dat. De weg van organisch materiaal tot compost is er eentje met veel mogelijke zijwegen en douanes waar je moet passeren. Het exacte einddoel is nog niet gekend, maar onze neuzen staan in dezelfde richting. Beeld je gerust in een vuurvliegje te zijn en maak zo samen de tocht met ons.

Zoals eerder aangehaald, is 70 tot 80% van het gegenereerde afval in Oeganda organisch. De klanten van Waste Masters Limited verorberen dagelijks grote hoeveelheden groenten en zetmeelrijke producten zoals aardappelen en matoke. Al het afval dat dit met zich meebrengt, zou via het huidige, alom toegepaste systeem rechtstreeks op de stortplaats terechtkomen. Nochtans zit hier net ongelofelijk veel potentieel. Dit is het uitgangspunt van ons project.

Sorteren aan de bron is stap één, waarbij deze zin dubbel en dik benadrukt moet worden. Het sorteren door de klanten zelf vergemakkelijkt niet enkel het verdere werk, het zorgt ook dat een nodige kwaliteit bereikt kan worden. Al het afval vermengen, maakt het haast onmogelijk later alle onzuiverheden handmatig te kunnen weghalen en steeds zullen kleine stukjes metaal, plastic, glas en batterijen achterblijven.

Laten we matoke eten vanavond, een bananenvariant die gekookt wordt en geplet tot een goedje met de structuur van puree. Bij een sorterende klant van Chrispin, belandt een matokeschil in de groene zak. De schil is daar gezellig omringd door allerlei organisch materiaal zoals ananasschillen, grassen en bananenbladeren. Het leeg doosje lucifers waarmee het vuur werd aangestoken, hoort dan weer thuis in de zwarte zak waarin momenteel al het niet-organisch afval verzameld wordt. Het verder uitsorteren van dit restafval is door de scheiding al een pak vereenvoudigd en biedt veel mogelijkheden voor verdere projecten.

Dinsdag is ophaaldag voor het gezin in Bweyogerere. De zakken staan klaar op het koertje, de truck passeert en de werknemers springen er vlotjes af. De meid opent de poort na wat geklop en het afval wordt meegenomen. Na een korte blik te werpen op het groenafval, wordt het gedeponeerd in een grote ton bovenop de truck. Ondertussen wordt het restafval  geleegd in de laadbak en krijgt de meid nieuwe zakken om er opnieuw een weekje tegen te kunnen. Ook de financieel verantwoordelijke van de truck komt vriendelijk gedag zeggen en wijst erop dat er nog niet betaald is deze maand. Volgende week zal het geld klaarliggen, de truck hervat zijn hobbelige tocht richting de volgende klant.

Zo’n zes uur later, nadat alle klanten van die dag bediend zijn, is het tijd om de vracht te legen. Bestemming: de Katikolo stortplaats, waarover we eerder al een woordje uitleg gaven. Oorspronkelijk werd hier de hele inhoud van de laadbak eruit gekieperd, zoals alle andere toekomende afvaltrucks dat doen. Ter plaatse zijn zo’n tiental waste pickers continu druk in de weer om uit het toekomende afval alles dat op één of andere manier waardevol is, eruit te halen. Hele dagen op een stortplaats werken met je neus in een berg afval: een tekeningetje hierbij is niet nodig om te beseffen dat er aangenamere werkomstandigheden zijn. De stortplaats vergroot als een sneltrein, de hopen troep zijn het voorbije jaar minstens verdubbeld.

De matokeschil willen we besparen van een eindstation tussen allerlei weggegooide spullen. Een bijdrage leveren tot de ontwikkeling van nieuwe matoke zou de cirkel rond maken. En, laat dat net zijn wat composteren kan. De tonnen die mee met de werknemers en de twee trucks op pad gingen, zijn na afloop helemaal gevuld. Momenteel zijn er acht van deze drums, waarvan er telkens twee per truck de kans krijgen zich te vullen met afbreekbaar afval van de klanten. Na twee dagen zijn de tonnen dus vol en gaan ze en route naar hun definitieve eindhalte: Kanganda.

‘How is Kanganda?’ is de standaardvraag die je – zo’n tienmaal – kan verwachten bij het ontmoeten van de werknemers. En om eerlijk te zijn: Kanganda is goooood. Naast onze thuis en een prachtige boerderij vol groenten, is dit de uitvalsbasis van ons leger, met compost als ultieme troef. De eerste hopen werden vlak naast het huisje opgestart door het eerste team, maar de hoeveelheid binnenstromend organisch afval vergt een versterking van de troepen. Honderd meter verder doorheen het veld vonden we daarom een uitgelezen stuk grond om onze compost van alle nodige zorgen te voorzien. Eerst een wild veld vol planten en een (blijkbaar tweekoppige) slang, nu een mooi stuk open land klaargestoomd voor al onze plannen.

De matokeschil in de ton bereikt na zo’n half uur rijden haar laatste rustplaats. De truckchauffeur rijdt via de oprijlaan door tot aan de composteergronden en begeeft zich naar de juiste laan om de tonnen leeg te maken. Iedere week wordt het afval in een nieuwe laan toegevoerd, om zo het verschil binnenin één hoop beperkt te houden. De truck wordt bedankt en verlaat het terrein, wij treden samen met de werknemers in actie voor het verdere werk.

Net zoals in ons Belgenland sorteren niet steeds loopt zoals het hoort, is het ook hier begrijpelijk dat niet alle klanten het sorteren meteen onder knie hebben. Als eerste stap gaan we dus op queeste naar alle indringers die in de groene zakken geslopen zijn. Nogmaals bevestigt het afval dat we eruit halen de voorliefde van Oegandezen voor Rolex, streetfood dat in plastic zakjes verschijnt en waarover we eerder al ons lof betuigden. Vervolgens is het tijd om de hopen te maken. Doel: zo’n 1,20 meter breed en 0,85 meter hoog.

Bij het samenstellen van de hoop, is een goede mix nodig. We onderscheiden twee soorten organisch materiaal: groen, stikstofrijk afval zoals fruit en bruin, koolstofrijk afval zoals takken en zaagsel. Allereerst brengen we een laagje takken aan op de grond. Dit zorgt er onder andere ook voor dat er voldoende zuurstof in de hoop kan stromen, essentieel voor de hardwerkende organismen in het composteerproces. Nadien volgt er lasagna-gewijs een laag groen en een laag bruin afval. Het opgehaalde afval is voornamelijk te categoriseren onder de groene soort, het bruine afval rapen we hier eenvoudigweg bij elkaar op de boerderij. De hoop is klaar en krijgt een dekentje Toptex over zich heen zodat zuurstof makkelijk zijn weg vindt maar regen er mooi langsheen loopt. Nog één ding is über belangrijk op dit moment: de hoop verdient een nickname.

Vervolgens komt de hoop onder ons dagelijks toeziend oog terecht. Afspraak om 9 uur ‘s ochtends voor een grondig onderzoek. Laten we de credits niet aan onszelf toewijzen: wij composteren niet, maar de beestjes doen dat. Wij voorzien gewoon de juiste omstandigheden om de natuur zijn gang te laten gaan. De organismen die het materiaal afbreken doen de temperatuur telkens oprijzen. Tijdens de eerste weken kan en moet dit tot zo’n 65°C gaan om de pathogenen te doden. Getest en tot nu toe gefaald: eieren bakken op de composthoop is geen succesverhaal. Elke ochtend wordt dus de temperatuur genomen bij iedere hoop. Naast de samenstelling en de temperatuur van de hoop zijn ook de vochtigheid en verluchting essentiële parameters. Een Decision Chart gidst vervolgens de werknemers doorheen een resem vragen om een antwoord te bekomen op de prangende vraag: keren of wachten? De hoop organisch materiaal regelmatig keren is namelijk een must om zuurstof te voorzien voor de beestjes en om het afval een changement de place te laten doorvoeren.

Ook de werkzame organismen lusten wel eens water. Te veel vocht is dan ook weer niet goed, want dan protesteert de zuurstoftoevoer. Om de middenmoot hier te vinden, moet heel geregeld water toegevoegd worden aan de hopen. Watervoorziening ontbrak echter nog op de nieuwe plot die we inrichten: team Waste Masters 2 for the rescue! Een opslagruimte en geitenhok vlak naast ons composteerpretpark bieden een groot opvangvlak voor regenwater. Zo gezegd, zo gedaan: dakgoten aanbrengen en verzamelen maar. De fundering voor de opslagtank is bijna klaar, over enkele dagen worden de kraantjes geïnstalleerd.  Afrika scoort hier punten op doorlooptijd, vandaag bellen = morgen dakgoten.

De transformatie van matokeschil tot bodemverbeteraar, neemt zo’n zes tot acht weken in beslag. Eens het vermoeden rijst dat de compost wel een klaar voor gebruik zou kunnen zijn, kan een kleine hoeveelheid hiervan in een thermos. Enkele dagen wachten, opendoen en voelen: als de temperatuur nog steeds de omgevingstemperatuur is, zit je goed. Is de inhoud warmer, dan zijn de beestjes nog druk in de weer geweest en was nog niet al het afbreekbaar materiaal verteerd.
Laatste stap: zeven! We zorgden voor een zeef die ergonomisch tip top voorzien is. Wat niet door de mazen van het net kan glippen, kan later gewoonweg in een nieuwe composthoop verwerkt worden. De compost is nu klaar voor gebruik, geen matokeschil is nog te bekennen.

Welnu, wat zijn we hier eigenlijk mee? Waar gaat onze bodemverbeteraar naartoe? Momenteel is de hoeveelheid in stock nog klein, enkel de kleine hopen uit het prototype van het vorige team hebben onze voorraad aangevuld. Op de nieuwe plot zal de hoeveelheid snel vermenigvuldigen en zal dus een afzetmarkt nodig zijn in het verschiet. Al heel veel boeren en instanties toonden duidelijke interesse in de aanschaffing van compost. Hen, maar ook politici en onderzoekers, het hele reilen en zeilen van ons proces te laten zien, is een volgende stap richting bewustzijn en promotie. En zo werd het concept van onze demonstratiezone geboren.

Het stuk land naast de composteersite verdelen we in in vier zones. Eén zone kan ten volste benut worden voor testen met compost, in het kader van een thesis bij het volgende team. Een ander deel reserveren we om alle aspecten van het composteerproces te demonstreren en zo de bezoekers een beetje inzicht in de werking van ons proces mee te geven. Verder zaaien we een gezellig grasveldje om te chillen en is een laatste deel voorzien om de boodschap over te brengen: “Afval bestaat niet”. Bloemenperkjes met autobanden of kruiden die groeien in plastic flessen, alles kan en alles mag. Ten slotte zullen we ook een regenboog aan vuilnisbakken voorzien om de Oegandezen een idee te geven van het sorteersysteem in België, inclusief alle verschillende fracties.

De beleidsmakers aan je zijde hebben is geen overbodige zaak, vandaar dat deze demonstratie een goede uitvalsbasis is. Eender wie met interesse in wat we doen en de compost die hieruit voortvloeit, is meer dan welkom om alles zelf te ervaren.
Eerst zien, dan geloven.