Bonjour à tous!

Afgelopen vrijdag landden we op Beninese bodem. Na enkele dagen hier hebben we al veel onvergetelijke ervaringen achter de rug! Na een comfortabele vlucht, een nachtelijke rit door het drukke, overweldigende, maar gezellige Cotonou en een korte nacht bij de organisatie AMCES was onze laatste reisetappe een dolle busrit van om en bij de 9u. We keken gedurende de volledige reis ons de ogen uit het hoofd. Wat is het hier anders dan in België: tijdens de busrit langs de weg die het zuiden met het noorden verbindt – een van de enige grote wegen in Benin – zagen we hoe de mensen voor hun huizen zaten in de voorbijglijdende dorpjes. Dit beeld werd afgewisseld met prachtig groene brousse (dankzij het regenseizoen) of velden waaruit vrouwen met schalen op hun hoofd terug naar huis wandelden. Al deze cliché-beelden voelen verrassend natuurlijk aan nu we hier zijn. Zo vertaalt onze verwondering zich voornamelijk in bewondering en zijn we helemaal onder de indruk van de schoonheid van het land.

Kustlijn Cotonou vanuit de lucht

Beninese auto’s zijn verrassend ruim

Een van de vele oude vrachtwagens in Benin

Zaterdagavond kwamen we goed aan op onze verblijfplaats voor de volgende twee maanden: l’hôpital Saint Jean de Dieu in Boko, een dorpje ten noorden van de grote stad Parakou. De technieker van het ziekenhuis, Albain, toonde ons het comfortabel gastenverblijf. Toevallig zijn hier tot ongeveer 20 juli nog twee Leuvense geneeskundestudenten, Gilles en Thomas, die ons supergoed opvingen en zo voor ons de overgang naar het ritme en leven hier een heel stuk aangenamer maakten. Gilles probeerde ons ook op het rechte pad te helpen door ons mee te nemen naar de mis in het klooster in de buurt. Omdat we nog geen CFA’s hadden, hebben we tijdens het weekend naar hartenlust op hun kosten geleefd. Desondanks kunnen we het goed met elkaar vinden.

Nadat we ons goed hadden geïnstalleerd en even uitgerust hadden van onze tweedaagse reis, verlegden we onze focus terug volledig op het Humasol-project. We zijn hier namelijk met een doel: het vergroten van het bewustzijn rond zonne-energie bij de lokale bevolking in de dorpen rond Boko. De eerste stap in het project was een gesprek met de directeur van het ziekenhuis, Père Dominique. We vertelden hem over het doel van ons project en onze wens dit te realiseren in nauwe samenwerking met de lokale bevolking. Hij was enthousiast over onze kijk op de samenwerking en over de Humasol-spirit die informatie-overdracht vooropstelt. Hij drong erop aan dat we ons zouden focussen op de dorpen rond het ziekenhuis om zo het gemeenschapsgevoel te versterken, iets waar wij ons in konden vinden.

Maandag kregen we onze zem-doop (taxi-moto) onder de vorm van een ritje naar Parakou. Daar hadden we in het Centre du Don Bosco samen met Fien en Timon een afspraak met Père Marco Diaz, de Salesiaan die het opleidingscentrum leidt. Onwaarschijnlijk hartelijk en met veel enthousiasme ontving hij ons eerst in zijn bureau. Tijdens dit gesprek waar ook de verantwoordelijke van de opleiding elektriciteit aanwezig was, kwamen we er met de nodige Afrikaanse animo toe dat wanneer we starten met de dimensionering en installatie van de zonnepanelen, studenten elektriciteit ons hierbij zullen helpen. Deze samenwerking kunnen zij dan als stage opnemen in hun curriculum.
Na dit gesprek leidde Père Marco ons rond in het centrum. Wat is het een fantastische school! De prachtige ateliers zijn gevuld met gepassioneerde leerkrachten die op een correcte manier met de leerlingen omgaan, er is een goed ingericht internaat, een groot grasveld en voetbalplein en een studentenbegeleiding om ‘u’ tegen te zeggen: van hulp bieden bij studiekeuze voor nieuwe studenten tot het regelen van stages en werkplekken voor de oudere studenten. We waren heel erg onder de indruk en kijken met veel plezier uit naar de verdere wisselwerking en het contact met de studenten.

Hoofdgebouw centre de Don Bosco Parakou

We werden hartelijk ontvangen door Père Marco Diaz

Dinsdag is Marjon jarig en gaan we eerst feestelijk ontbijten. Timon en Fien komen ons vergezellen, ze brengen geitenyoghurt, honing en confituur mee van de boerderij waar ze logeren. Daarna bezoeken we Borro, een klein dorpje net naast het ziekenhuis. Dit is het eerste dorp waar we langsgaan om te bekijken wat de mogelijkheden zijn en of het eventueel geschikt is voor de uitvoering van ons project.  We legden al heel wat contacten door te voetballen met de jeugd – de Belgen vormden duidelijk het verliezende kamp, te babbelen met de mensen tijdens onze wandeling naar de mis en te praten met de inwoners van het dorp die hier in het ziekenhuis werken. We vertelden hen telkens ook wat ons bezoek aan Benin drijft. We hopen morgen dat het enthousiasme dat zij al toonden nog verder aangewakkerd zal worden wanneer we alles officieel voorstellen. Hierbij zullen we ons niet beperken tot een gesprek met het dorpshoofd dat Père Dominique al voor ons regelde, maar ook bij de andere inwoners langsgaan om te luisteren naar hun wensen en ideeën.

We hebben hier alvast erg naar onze zin en houden jullie heel graag verder op de hoogte!

A bientôt!

Marjon en Willem