Al even geleden dat we van ons hebben laten horen. Maar, alles is onder controle!
Afgelopen week gingen we van maandag tot en met donderdag nog mee met de trucks afval ophalen. Op die manier leerden we de verschillende routes kennen, kwamen we in contact met verschillende klanten, zagen we de verschillende teamsamenstellingen van de Waste Masters-werknemers en kregen we de kans om met hen een band op te bouwen. Ze doen dit werk dag in, dag uit. De meesten nemen er nog een andere job bovenop, zoals stenen bakken bijvoorbeeld. Harde werkers. Het is ook een mooie en unieke ervaring om een stad te leren kennen vanuit de afvaltruck.

Tussendoor gingen we met Chrispin en zijn vrouw Faith zondag mee naar de kerkdienst en dinsdag naar een fellowship. De kerkdienst was impressionant. Krachtige en soms geladen muziek door een twintigkoppig koor en een aantal andere muzikanten introduceerde de dienst. We zagen twee dames uit het koor een traan laten. Intens. Nieuwkomers werden aangenaam verwelkomd door pastoor Kenneth – een vlotte, sportieve, alledaagse jongeman die tijdens zijn dienst vergelijkingen maakte met gebeurtenissen uit zijn eigen leven. Eentje ging over de opmerking die iemand tijdens de file maakte over zijn wagen, toen hij met zijn vrouw en kinderen naar de stad trok: “Aan de kant met uw winkelkarretje!”. De ganse kerk schaterlachte, inclusief de pastoor. Op het moment zelf klonk het anders. De pastoor had de man bij de kraag genomen, maar had er al gouw spijt van: “What am I doing …”. Hij wou illustreren dat iedereen op elk ogenblik en iedere plaats moet herinneren dat we allen behoren tot één familie, ook al dreigen we uit onszelf te treden. Na enkele vrolijke, positieve liederen verlieten we de kerk, verblind door een stralende zon.

De fellowship, waarbij een profeet voor een 2000-tal Oegandezen enkele prophecys doet, ging er anders aan toe. Uit het niets kregen we VIP plaatsen, al hadden we veel liever tussen de rest van het volk gezeten. De dienst startte met muziek (ook hier een groot koor en vele muzikanten die een instrument bespeelden), die toch wel verschilde van die van de kerkdienst. Elke tekst stond in functie van God: “Take my body and use me, Lord!” Traag maar gestaag kwamen werd het intenser en intenser. Vele tranen, handpalmen naar de hemel gericht; sommigen knielden aan één stuk door. Zo goed als iedereen zong luidkeels mee. Na een uur zou volgens een niet gelovige zoals ons het vet van de soep zijn maar neen: mensen leken echt in extase te zijn. Wanneer ze zichzelf dan volledig hadden overgedragen, kwam de profeet toe in zijn Land Roover. De profeet introduceerde zichzelf door tussen het publiek de stappen. De menigte kwijnde weg en wat we merkwaardig vonden: niemand keek hem aan in de ogen. Nog vele woorden over the Lord, wie ons leven bepaalt. De dienst eindigde met hetgeen waar mensen all-out op gingen: de prophecys. Hij vroeg naar een bepaalde achternaam uit het publiek en vroeg die personen naar voor, waarvan hij hun naam en beroep voorspelden. Hij gaf ze erna een voorspelling mee. Iets in de aard van: “You are going to succeed”. Daarna ging hij rond en vroeg hij naar wie nog een prophecy wou, waarop mensen hem toesprongen op de knieën met zoveel als er voor zijn voeten plaats was. All-out. Toen was zijn tijd op. Einde.

Zondag gingen we naar de bron van de Nijl, een toeristisch plekje. In totaal wel zeven blanken tegengekomen! Het was een mooie plek langs het water, hoewel we de (zo blijkt) mooiste plekken niet gevonden hebben. Op het gemak langs de waterrand gewandeld, vissers bestudeerd en in de helft van onze wandeling kwamen we terecht in een industrieel gebied. Eerst wandelden we door een ‘dorpje’ dat rond een lederfabriek lag. Veel afval, geuren van het leder dat en grand masse hing te drogen in de zon en slechte levensomstandigheden. Daarna passeerden we een gebied waar ze enkel wagens restaureren en opslagen. Vroeger dan voorzien keerden we terug huiswaarts met de OXYGEN bus. Chille rit. Aangekomen op ons idyllisch verblijfje en vroeg gaan slapen.

Afgelopen maandag hadden we een meeting met Chrispin, de manager van Waste Masters. We spraken over onze ervaringen tijdens het afvalophalen, onze voorstellen hoe organisch afval te scheiden van de rest en onze plannen voor de komende weken. We zaten op dezelfde lijn. We hebben veel gehad aan het gesprek. Komende week gaan we enkele beleidsmakers ontmoeten om het afvalprobleem te bespreken en de mogelijke rol die Waste Masters en Humasol hierin kunnen spelen. In Mukono doet de afvalophalingsdienst van de overheid het slecht, waarop Chrispin met zijn privébedrijf wil inspelen. We zullen ook gronden bespreken (negociaten) die hij mogelijks kan leasen om op te sorteren. Ter voorbereiding van de meetings besloten we visitekaartjes te maken. Hieronder het resultaat. (Bedankt Arne om de puntjes op de i te zetten!)

Om de visitekaartjes te laten printen moesten we naar Kampala. Hoewel dat Kampala maar 36 km verder ligt, waren we toch twee uren onderweg. Voorzichtig zijn is de boodschap: auto’s rijden hier links in plaats van rechts! Het verkeer wordt hier bepaald door de grootte van uw voertuig: een taxibusje neemt alle voorrang op wagens en bodda bodda’s (taxi-brommers), maar zijn onderdanig naar grotere bussen. Toch, dat is wat we na twee weken op de baan ervaren! Voor het printen van de kaartjes nam de dame van de printwinkel nam ons mee naar twee andere copycenters om alles gedaan te krijgen.